In de vorige les is besproken hoe honden leren. We hebben daar gezien dat gedrag dat beloond wordt, herhaald zal worden. Daarin kwam ook naar voren dat niet alles wat wij als beloning zien, ook door de hond als een beloning ervaren wordt. Andersom is ook veel van ons gedrag belonend voor de hond, terwijl het niet zo bedoeld is. Daarnaast is er vaak ook nog sprake van zelfbelonend gedrag. Hieronder een aantal voorbeelden.
Beloning die niet belonend is
Stel je hond heeft net zijn ontbijt op en je wil je hond iets gaan leren. Echt honger heeft hij niet, dus als je dan gaat trainen met de gewone brokjes die hij ook al altijd in zijn voerbak krijgt, zal hij daar niet heel erg zijn best voor doen. Jij kunt dan wel denken dat je je hond beloont, maar het is de hond die bepaalt of iets ook echt een beloning is.

Beloning die niet als beloning bedoeld is
Stel je wil met je hond gaan oefenen op wandelen zonder trekken. Je hond trekt echter nog behoorlijk aan de lijn. Elke keer dat je hond aan het uiteinde van de lijn loopt, ga je hem naast je roepen, lokken met lieve woordjes of zelfs met voer. Je bedoeling is je hond naast je te krijgen, maar wat je in feite doet is de hond belonen voor het gedrag dat je nu juist niet wil zien.
Je geeft hem namelijk alle aandacht en er komen zelfs voertjes tevoorschijn juist op de momenten dat je hond ongewenst gedrag vertoont. Wat er zal gebeuren is dat je hond dat ongewenste gedrag gaat herhalen en vaker aan het uiteinde van de lijn gaat lopen. Zelfs als je moppert of boos wordt, kan dit voor de hond belonend zijn, want aandacht is voor veel honden belonend.
Zelfbelonend gedrag
Je hond staat met zijn voorpoten op het aanrecht en vindt daar een achtergebleven boterham met pindakaas. Hij zal nog dagen, misschien wel weken of maanden zijn poten op het aanrecht zetten, want het heeft hem een behoorlijk grote beloning opgeleverd. En elke kruimel die hij daar nog vindt, zal het gedrag alleen nog maar meer versterken.
Ook tijdens het trainen kan het gebeuren dat ongewenst gedrag de hond meer oplevert dan het gedrag dat je hem probeert aan te leren. Als er bijvoorbeeld lekkere geurtjes in het gras zitten (denk aan konijnenkeutels, muizenholen), dan is de kans groot dat je hond daar meer interesse in heeft dan in de voertjes die je zelf bij je hebt. Hoe meer van dit soort afleidingen er in de omgeving zijn, hoe lekkerder de voertjes moeten zijn om ervoor te zorgen dat de hond de voertjes graag wil verdienen. Probeer daarnaast ook altijd te trainen in een omgeving met weinig afleiding. Zeker als je nieuwe gedragingen wil aanleren. Pas als een hond een oefening goed beheerst, kun je die oefening stap voor stap in een iets moeilijkere omgeving gaan vragen.
Wat is een goede beloning?
Wat is dan wel een goede beloning? Op deze vraag is niet een juist antwoord te geven, want het zal per hond en per situatie verschillen wat als een beloning ervaren wordt.
Voor sommige honden zal een trekspel de ultieme beloning zijn, terwijl andere honden alles zullen doen voor hun bal. Bij clickertraining is voer echter de meest handige manier om te belonen, omdat je bij clickertraining vaak en snel moet kunnen belonen. Is voor jouw hond spel een grote beloning, dan kun je dat altijd naast de voertjes gebruiken om af en toe een extra grote beloning te geven, bijvoorbeeld aan het eind van een sessie.
Zoals hierboven ook al was aangegeven zijn de gewone brokjes die de hond ook als zijn voer krijgt vaak niet voldoende interessant om voor te werken. Bij het trainen moet je dus vaak met iets beters komen. Een goede beloning moet aan een aantal voorwaarden voldoen. In de eerste plaats moet de hond het lekker vinden. Het helpt als ook de geur sterk is. Net als mensen hebben ook honden verschillende smaken, dus wat de ene hond helemaal geweldig vindt, kan de andere hond (letterlijk) zijn neus voor optrekken. Het is dus een kwestie van uitzoeken wat de voorkeuren van jouw hond zijn.
In de tweede plaats moet een voerbeloning snel op te eten zijn. Als de hond lang aan het kauwen is, onderbreekt dat steeds het trainingsproces, wat niet bevorderlijk is voor het leerproces. Zachte beloningen hebben dus de voorkeur.
In de derde plaats moeten de beloningen klein zijn. Bij clickertraining wordt er vaak beloond en het is natuurlijk niet de bedoeling dat de hond door het trainen dik gaat worden. Bij gemiddeld grote tot grote honden kun je uitgaan van hooguit de grootte van je pinknagel voor een beloning. Bij kleine honden mag het nog een stuk kleiner. Het is ook goed om op de dagen dat je gaat trainen de hond bij de maaltijden wat minder dan anders te geven.

In de winkel zijn diverse beloningsvoertjes te koop. Let er daarbij op dat ze aan de drie eerder genoemde voorwaarden voldoen (lekker, zacht en klein). Kijk echter ook eens verder dan het aanbod in de dierenwinkel. Hieronder staan een aantal ideeën voor beloningen, zowel uit de dierenwinkel als uit de supermarkt of eigen keuken. Producten die voor mensen bedoeld zijn, zijn voor honden soms wel wat te zout, dus houd wel in de gaten dat je daar niet teveel van geeft.
Ideeën voor beloningen
Rodi- of Prins worst (of andere hondenvoeding in stevige worstvorm)
Frolic in stukjes
Gekookte kipfilet
Gekookte lever
Knakworst
Frikandel
Soepballetjes
Fruit (let op, druiven, en dus ook rozijnen zijn giftig voor honden!)
Zelfgedroogd vlees
Zelfgebakken koekjes (zie recepten)
Kleine stukjes kaas
Tubes met kaas, vis- of leverpastei (ook speciaal voor honden te koop)